THE PRESENT DAY COMPOSER REFUSES TO
DIE
|
Je
zou Zappa een Varese-kenner kunnen noemen: hij laat mensen stukken muziek van
Varese horen, dirigeert orkesten die Varese's werk spelen en heeft, gezien zijn
eigen muziek, veel van Varese geleerd. Om meer van Zappa's muziek te kunnen
begrijpen moeten we eigenlijk eerst begrijpen wie Varese was, wat zijn muziek
voor zowel de muziekwereld als Zappa betekend heeft en wat karakteristieke
uitspraken van dit eigenzinnig persoon zijn.
In
dit deel wil ik leven en werk van Varese bespreken, in een tweede deel - Frank
Zappa, de reincarnatie van Edgard Varese? - zal ik dieper ingaan op enkele
overeenkomsten.
Terwijl
ik dit schrijf verschijnt de eerste CD met muziek van Varese in Nederland.
Toeval, ondersteuning, bevestiging?
Edgard
Victor Achille Charles Varese wordt op 22 december 1883 in Parijs geboren. Zijn
vader is Henri Varese en is afkomstig uit Pignerol, een soms Frans, soms
Italiaans dorpje. Zijn moeder is Blanche-Marie Cortot, dochter van Claude Cortot
en afkomstig uit Parijs. Edgard is hun eerste kind, na hem volgen nog twee
jongens, Maurice en Renato, en twee dochters, Corinne en Yvonne. Edgard heeft
geen gemakkelijke jeugd; zijn vader is veel van huis en de keren dat hij er wel
is regeert hij het gezin als een ware dictator, waarbij hij zowel zijn vrouw als
zijn kinderen mishandelt. Na de dood van zijn moeder besluit hij met de hele
familie, inclusief de ouders van Blanche-Marie, naar Turijn te verhuizen; hier
kon hij namelijk belangrijke zaken doen. Edgard kan maar met moeite aan zijn
nieuwe omgeving wennen en vlucht vaak in Parijse herinneringen. In 1900 sterft
Blanche-Marie; tijdens haar sterfbed vraagt ze Edgard zijn broers en zussen
tegen hun vader te beschermen omdat "hij een moordenaar is". Henri
trouwt redelijk snel opnieuw met een lieve vrouw, maar vervalt helaas weer in
zijn oude, gewelddadige gewoonten. Edgard, die de opdracht van zijn moeder heel
serieus neemt, heeft keer op keer ruzie met zijn vader. In 1903 komt de
verwachte uitbarsting en breekt Edgard - voorgoed - met hem en vertrekt vrijwel
onmiddellijk naar Parijs. Hij zal zijn vader nooit meer zien, zijn broers en
zussen pas 14 jaar na de breuk. Hoe groot zijn afkeer van zijn vader is blijkt
als Edgard op 75-jarige leeftijd nog altijd niets over zijn vader wil horen. Claude Cortot, Edgard's grootvader, vertrekt een paar jaar na Edgard naar Parijs. In Parijs zullen ze elkaar zo vaak als maar mogelijk is ontmoeten. In feite is Claude de vader die Edgard eigenlijk nooit gehad heeft. Niet vreemd dus dat hij altijd een portret - het enige bestaande - van zijn grootvader in zijn werkkamer heeft hangen.
Als
Edgard Varese in 1903 in Parijs aankomt is het een bruisende stad, vol leven en
bekende personen. Varese vindt er werk als muzieknoten-schrijver en wordt in
1904 toegelaten tot de Schola Cantorum. Het volgende jaar wordt hij al
toegelaten tot het Conservatorium (direkteur Gabriel Fauré). De daar gedoceerde
muziekleer is echter behoorlijk conservatief en de jonge, zoekende Varese is er
niet bepaald gelukkig. In boeken van Hoene Wronsky (fysicus, chemicus,
musicoloog en filosoof) had hij gelezen dat "muziek de belichaming is die
stamt uit de geluiden" en Helmholtz boek 'Physiology of Sound' beschrijft
dat alle geluiden, dus ook sirenes, muziek zijn. Varese is ervan onder de indruk
en voor het eerst beseft hij dat muziek ruimtelijk kan zijn. Tijdens zijn lessen aan het Conservatorium ontmoet Varese Suzanne Bing, een danseres. Ze trouwen op 5 november 1907. Door de conservatieve lessen en zijn eigen 'wilde' ideeën wordt Varese steeds onrustiger. In een brief aan Strawinsky schrijft hij: "De docenten hier vertonen veel overeenkomst met de lijnen op mijn muziekpapier." Op dat moment is Berlijn de belangrijkste stad op cultuurgebied: Busoni schreef er 'Sketch of a New Aesthetic of Music' en er waren al veel bekende muzikanten en componisten samengekomen. Varese besluit ook naar Berlijn te gaan en heeft al spoedig twee belangrijke ontmoetingen, de eerste met Debussy, de tweede met Busoni. Beide heren zouden levenslange vrienden worden. Varese spreekt veel met Busoni over diens boek, waarin een van de 'wetten' luidt: "Het is de functie van een creatieve artiest wetten te maken, niet om bestaande wetten te volgen." Debussy is echter Varese's grootste steun en spreekt: "Je hebt het recht te componeren wat je wil en zoals je dat wil." Een van Debussy's fameuze uitspraken was dan ook: "Regels scheppen geen kunst!" Varese die goed op de hoogte is met eigentijdse muziek stelt Debussy aan Schönberg voor; nog later zou hij zelf Ravel ontmoetten.
Ondanks
alle interessante ontmoetingen is Varese's leven in Berlijn niet gemakkelijk:
hij spreekt geen Duits, heeft geen werk en moet toch het inmiddels met een
dochter (Claude - naar zijn grootvader) uitgebreide gezin onderhouden. Eens
temeer blijkt de onfortuinlijke speling van het lot: op de dag dat Claude
geboren wordt sterft zijn geliefde grootvader Claude Cortot.
In
1912 is Varese aanwezig bij de generale repetitie van Schönberg's 'Pierrot
Lunaire' dat gedirigeerd wordt door de componist zelf. Ook Strawinsky is
aanwezig, maar een ontmoeting blijft uit. Varese is razend enthousiast over de
Pierrot en begrijpt meteen het belang ervan, Strawinsky vindt het maar niets...
Varese's
gedachten richten zich inmiddels vooral op een nieuw instrument, waarmee hij
zelf geluiden zou kunnen opwekken en klankkleuren mengen en veranderen. De
geluiden die hij in zijn hoofd heeft zouden er zonder dit (niet bestaande)
apparaat niet uit kunnen komen. Tijdens zijn leven zou dat apparaat er niet
komen (maar hij zou zeker heel blij geweest zijn met b.v. een Synclavier). Het
ging Varese daarbij niet om geluidsexperimenten, maar om nieuwe geluiden die
binnen zijn concept zouden kunnen passen. Hij moest niets hebben van een stuk
als 'The Art of Noise' van Russolo, dat de geluiden om de geluiden laat horen.
In
1913 vertrekt Suzanne Varese-Bing naar Parijs om opnieuw te gaan dansen. Hun
dochter, Claude, gaat naar Suzanne's grootmoeder en een onofficiële scheiding
vindt plaats. 1913 is tevens het jaar waarin voor het eerst Strawinsky's 'Le
Sacre du Printemps' gespeeld wordt. Varese is er niet ondersteboven van en vindt
dat Strawinsky "gewoon zijn plicht gedaan heeft".
Kort
na deze premiere keert Varese ook naar Parijs terug en vindt er werk als
dirigent. Dat jaar is het bij hem een komen en gaan van mensen, waaronder
Picasso, Cocteau en Trotsky. Door de inmiddels uitgebroken oorlog is er geen
ruimte meer voor muziek en dus geen werk meer voor dirigenten. Een oude vriend,
Charles Muck - dan dirigent bij het Boston Symphony Orchestra, nodigt Varese uit
naar Amerika te komen. Op 18 december vertrekt hij om nog maar een paar keer in
Europa terug te keren; Amerika zal zijn thuis worden.
Met deze wijsheid besluit Varese voortaan zijn eigen muziek nog anders aan te pakken en keert de limieten die westerse tradities hem opleggen de rug toe. Vooral 'oude' (strijk)instrumenten moeten het daarbij ontgelden; zij zijn getemd, zijn hun eigen entiteit kwijt en missen hun 'inner-space' en daardoor hun energie. Varese: "Waar wij op percussie alleen lawaai maken, scheppen mensen uit niet-westerse culturen een ware dynamiek en een ongelooflijke intensiteit. Westerse muziek heeft percussie naar de achtergrond verdrongen, maar deze instrumenten moeten op de voorgrond terugkeren om tot totale expansie te komen." De puurheid van geluid die Varese zocht deelde hij met Anton Webern. Alle andere componisten blijven in feite vasthouden aan de klanken van het 19e eeuwse westerse orkest. Opnieuw ook komt hij terug op zijn droom-instrument: "Muzikanten moeten met technici samenwerken om tot nieuwe apparaten te komen, apparaten van deze tijd. Ik weiger me te beperken tot geluiden die al gehoord zijn. Ik zoek een nieuw medium, waarmee ik de geluiden in mijn hoofd tot reële klanken kan omzetten."
Eind
1917 ontmoet Varese tot drie maal toe een vrouw, Louise Norton. De derde keer
raken ze hevig verliefd en na hun beider scheidingen trouwen Edgard en Louise.
Zij werd zijn rotsvaste steun, toeverlaat en stimulator; hij zou haar nog hard
nodig hebben.
Er volgt nieuw werk, Offrandes en Hyperprism, beide percussie-rijk. Echte kunst roept vragen op, maar deze werken veroorzaken in plaats van vragen de inmiddels bekende rellen: "Vier minuten herrie." Varese daarover: "Waarom zouden we conservatief zijn. De violen spelen nu nog de belangrijkste rol, terwijl hun hoogtepunt al in het begin van de 18e eeuw lag. We hebben nieuwe, 20e eeuwse instrumenten nodig." |
|
|
Octandre
(1923) is Varese's eerste werk zonder percussie. Ondanks de afwezigheid ervan is
het zeer krachtig, heeft het een eigen geluidswereld en is daardoor in zekere
zin een stap vooruit in de muziekgeschiedenis.
Tussen
het componeren door is Varese bezig met de I.C.G., de International Composers
Guild, een componisten-vereniging, waarbij nieuwe componisten, verbonden door
het I.C.G., hun muziek wereldwijd kunnen uitdragen. Varese steekt veel tijd en
energie in de I.C.G., maar uiteindelijk leveren zijn inspanningen niets op.
Opmerkelijk echter is een punt uit de I.C.G.-statuten: 'The present day composer
refuses to die!', waarmee zoveel bedoeld wordt als 'wij, moderne componisten,
hebben er recht op gehoord te worden'.
In
de jaren 1924/25 is het (door gebrek aan goede apparatuur) nog steeds onmogelijk
ruimtelijk geluid te scheppen, ook al is Varese daar zeer mee begaan. Integrales, opnieuw een stuk voor talloze percussie-instrumenten, heeft ondanks
dat handicap een min of meer ruimtelijke klankkleur. De reactie erop: "Maak
slecht lawaai, zo hard als je kunt en doe dat zo slecht mogelijk, er zullen
zeker mensen zijn die het dan mooi vinden." Iemand anders begreep er meer
van: "Het is Varese gelukt het geluid van de Nieuwe Wereld (Amerika) in
muziek om te zetten."
In
de beide volgende jaren werkt Varese hard aan Arcana, terwijl een 'ouder' stuk
als Ameriques bij incidentele opvoeringen nog steeds heftige reacties aan het
publiek ontlokt: mensen lopen gillend weg, staan te schreeuwen of klimmen
bovenop hun stoelen om te applaudiseren. "Waar Le Sacre du Printemps alleen
maar logisch is breekt Ameriques met elke traditie. Het stuk heeft de zon in
zich en ontwikkelt zichzelf door middel van explosies in de ruimte."
Arcana
is een stuk voor maar liefst 40 percussie-instrumenten; het is temperamentvol,
beangstigend en sensationeel. "Varese, de geluidsalchemist, gaat met Arcana
op weg om de Steen der Wijzen te ontdekken", schreef een criticus.
Aan
het eind van de 20er jaren is Varese even terug in Parijs, omdat er voor het
eerst werken van hem gespeeld gaan worden. Varese liep al enige tijd rond met
plannen voor een muzieklaboratorium en wil proberen er in Parijs iets mee te
doen. In dat laboratorium zou geluid natuurkundig bestudeerd kunnen worden en
bovendien zouden er, als een groot geluidsarchief, platen opgeslagen moeten
worden. Het project levert niets op. De Europese reacties op zijn muziek
verschillen niet met de Amerikaanse...
Een
belangrijk jaar voor Varese en voor de muziekgeschiedenis is 1933; een jaar
waarin een van de meesterwerken van deze eeuw voor het eerst gespeeld wordt: Ionisation,
een stuk voor alleen maar percussie-instrumenten. Het sterk
ritmische werk heeft niet alleen westerse logica in zich, maar is tevens
gebaseerd op niet-westerse culturen. Voor het eerst heeft muziek weer een stap
vooruit - of terug gedaan (het is maar hoe je het bekijkt) - naar waar ze
vandaan komt: de ritmiek. De eerste opvoering van Ionisation is op 6 maart 1933.
Op verzoek van het publiek wordt het twee keer gespeeld en voor het eerst wordt
er positief geschreven: "Zo mooi dat het je de adem beneemt. Niemand kan
het belang van dit stuk ontgaan zijn."
Door
de sterke ritmiek in zijn muziek wordt Varese vaak met Strawinsky vergeleken. In
1932 schreef F. Goldbeck echter: "In Le Sacre du Printemps hebben we enkele
simpele thema's die een soort gevecht met elkaar aangaan. Allemaal mooi en zelfs
het ritme blijft netjes binnen de muziekleer. Bij Varese is er niets van dit al,
zijn stukken bestaan uit a-melodieuze elementen waarbij het ritme alles vertrapt
en zelfs belangrijker wordt dan andere geluiden. Varese is een gigantische stap
vooruit op onze muziek-ontwikkeling."
Varese
blijft onverstoorbaar naar nieuwe geluiden zoeken. Zijn volgend werk,
Ecuatorial, bevat zang, basstemmen gezongen door megafoons en twee Theremins
(een soort elektronische klankopwekker waarmee science-fiction achtige geluiden
gemaakt kunnen worden - en dus ook veel bij SF-films gebruikt zijn). De eerste
opvoering is in 1934 en de reacties zijn bijna voorspelbaar: "Dit is geen
muziek meer, de instrumenten zijn belangrijker dan de stemmen. Het is een
kakofonie die de mooie stemmen doet verminken."
Alle
negatieve geluiden en tegenslagen moesten eens leiden tot een inzinking. In 1935
is het zover en stort Varese in onder de voortdurende druk van zijn gevecht
tegen oude instrumenten en de handicaps van de nieuwe (elektronische). Tijdens
een rustperiode komt hij op een geweldig - maar onuitvoerbaar - idee: koren in
alle wereldhoofdsteden zouden een nieuw werk moeten zingen. Het zou tegelijk,
met mathematische precisie, moeten gebeuren, opdat elk koor precies daar kan
beginnen waar het vorige eindigt. André Malraux schrijft een tekst, maar de New
Yorkse kranten krijgen lucht van het idee en schrijven: "Varese komt met
een Red Symphony", of ze schrijven in de trant van: 'The Symphony of
Revolution' - er zouden namelijk Russen en negers meezingen! Het thema van het
stuk is echter vrij onschuldig: de marcherende menselijkheid (op weg naar de
toekomst). Varese werkt tussen 1935 en 1940 bijna constant aan het
internationale koorwerk dat hij de titel 'Espace' meegeeft. Het is nooit
opgevoerd.
In
al die jaren van strijd, strijd met zichzelf, strijd met de techniek, strijd met
het onbegrip is er een lichtpuntje: Density 21,5 - een stuk voor platina
dwarsfluit (lengte 21,5 inch), geschreven op verzoek van fluitist George
Barrere. Het is een verschrikkelijk tragisch stukje; niet onbegrijpelijk gezien
Varese's stemmingen. De eerste opvoering vindt plaats als onderdeel van een
gemengd concert. De pers zweeg.
Tijdens
zijn crisisperiode reist Varese veel, geeft boeiende muzieklessen - hij was een
geboren verteller - en was politiek aktief voor minderheden in Zuid-Amerika.
Aansluitend aan Varese's inzinking breekt de 2e wereldoorlog uit; ook al niet
bepaald een tijd voor componisten. Varese blijft desondanks bezig met Espace,
maar nu is de tijd (verdeeldheid) tegen hem. Wel maakt hij veel vrienden en is
het net als eerder in Parijs een komen en gaan van (on)bekende kunstenaars. De
schrijver Henry Miller zou een goede vriend worden. In een van diens boeken -
Airconditioned Nightmare - wordt zelfs een heel stuk over Varese geschreven.
Merkwaardig genoeg raken veel mensen pas door dat boek geďnteresseerd in
Varese's muziek.
Na
de oorlog is Varese verbitterd, vaak sarcastisch en schrijft bijna geen muziek
meer: "Amerika is het land van de grote middelmatigheid en zal daar ooit
aan ten onder gaan."
Ondanks
Varese's verbittering staat het na-oorlogse publiek meer voor experimenten open
en vindt er voor allerlei, eerder onbegrepen, kunstvormen een herwaardering
plaats. Varese leeft op en begint opnieuw te schrijven. Als onderdeel van de
herwaardering verschijnt een lp met Varese's werk op het E.M.S.-label met als
dirigent Frederic Waldman. Bij de opnames geeft Varese aanwijzingen vanaf zijn
ziekbed. Vanwege klanktechnische redenen kan er slechts 15 minuten per kant
opgenomen worden. De keus valt op Intégrales, Density 21,5, Ionisation en
Octandre. Tien jaar lang zou dit de enige lp met werk van Varese zijn. Het is de
lp die Frank Zappa ooit voor $ 3.80 zou kopen...
Tijdens
de oorlog vraagt Thomas Bouchard aan Varese een soundtrack bij zijn film over de
1e wereldoorlog te maken. Varese en Bouchard construeren de soundtrack uit een
compilatie van bestaand werk. Ook voor zijn tweede film gebruikt Bouchard muziek
van Varese met dezelfde methode, maar zijn derde film zou een nieuwe en
spectaculaire soundtrack krijgen. In deze film - Around and About Joan Miró -
zit een scene van bijna drie minuten met als subtitel 'The Procession of
Verges'. Varese gebruikt voor dit stukje een zelfgemaakte soundtrack, bestaande
uit vier tapes. De reactie: "Met tapes is het mogelijk nieuwe geluiden te
maken, waarbij instrumenten hulpmiddelen kunnen zijn, maar de klanken van de
tape hoofddoel vormen." Iets soortgelijks had Varese al dertig jaar eerder
gezegd. Langzamerhand lijkt de tijd echter op diens ideeën in te lopen. Ondanks
de primitieve apparatuur kan Varese aardig met tapes overweg. Wat nu nog bleef
was een alternatieve manier om muziek te noteren, maar daar zal hij later een
oplossing voor vinden.
Het
stuk waar hij na de opleving aan was gaan werken noemt hij Déserts. De
ervaringen met tapes, opgedaan bij het maken van de soundtracks, komen goed van
pas. Het werk ontstaat overigens in een tijd (1952) dat de eerste
muziekvoorstelling met alleen tape-recorders gegeven worden. Het stuk bestaat
uit klanken van instrumenten en van verschillende tape-fragmenten. Déserts is,
zoals de titel al min of meer aangeeft, de uitdrukking van eenzaamheid, lijden
en angst en heeft daarmee ongeveer dezelfde waarde als Picasso's Guernica. De
eerste opvoering zou in juni 1953 zijn, maar het concert wordt om onduidelijke
redenen afgezegd. Pierre Boulez, die hij in 1952 ontmoette, wil het stuk echter
in Parijs opvoeren en nodigt Varese uit de premiere bij te wonen. De (eerste)
opvoering wordt gedirigeerd door Réne Clair. Déserts zorgt voor het grootste
schandaal in de westerse muziekgeschiedenis. Dertig jaar na de eerste shock voor
het publiek (Berlijn) bewijst Varese nog altijd de kracht en energie voor
confronterende muziek te hebben. Nogmaals blijkt dat het grote publiek nog niet
rijp is voor Varese's muziek: "Werk van een gek", "Koekepan-slaan
met solo's voor wc-spoelingen" en "Fanfares voor autoclaxons",
waren de reacties.
Hevig
teleurgesteld keert Varese terug naar New York. Daar dirigeert Frederic Waldman
de eerste opvoering van Déserts en in tegenstelling tot Europa is het publiek
hier wel enthousiast: "Déserts is een groots stuk dat zijn waarde in de
geschiedenis nog zal bewijzen." Het enthousiasme is voor Varese de aanzet
tot een nieuw, maar radicaal, werk: Poeme Electronique. Voor anderen is het
reden tot het uitbrengen van een nieuwe lp. Varese is er weer actief bij
betrokken en vindt het maar niets. Slechts de versies van Robert Craft kunnen
zijn goedkeuring wegdragen. De lp (CBS) wordt een voorbeeld van hoe Varese's
werk zou kunnen klinken en daarmee bereikt hij een fase (het zelf kunnen horen
van goede opnamen) die maar weinig componisten voor hem bereikt hebben. |
|
|
Terug
in New York wordt hij enthousiast onthaald en roept iedereen om het Poeme. De
voorstelling ervan, ondanks het feit dat zelfs Le Corbusier de pure muziek
(zonder de dia's enz.) beter vond, is eigenlijk niet meer dan een
stereoklankbeeld en haalt het niet bij het origineel uit Brussel.
De
beloning voor het succes blijft niet uit: in 1958 dirigeert Leonard Bernstein
(!) maar liefst vier maal Arcana. Maar ook al was de waardering voor het Poeme
en Arcana groot, Déserts blijkt nog te ver vooruit voor het grote publiek. Toch
blijft Varese onder invloed van het groeiende succes enthousiast en begint
opnieuw te componeren, maar eerst wil hij de tapes voor Déserts verbeteren. De
eerste opvoering van de tweede editie vindt plaats in Canada. Zowel publiek als
orkestleden krijgen de slappe lach; ze snappen er niets van.
Begin
1960 neemt Robert Craft opnieuw een lp op met Varese's werk; de eerste lp was
allang uit de handel. Door deze lp hoort een nieuwe groep mensen voor het eerst
werk van Varese. Tijdens de voorbereidingen stelt Robert Craft, een zeer goede
vriend van Strawinsky, Varese voor Strawinsky te ontmoeten. Een memorabele
gebeurtenis, want in 1934 had Varese al gezegd dat Strawinsky's betekenis voor
de muziek voorbij was. De ontmoeting verloopt, anders dan menigeen gedacht had,
in een vriendelijk sfeer.
Varese
is nog niet tevreden met de tapes voor Déserts en begint aan een derde versie.
Terwijl hij daarmee bezig is worden er, als hommage, con
Gedurende
de winter van 1961/2 wordt Varese geplaagd door bronchitis. De ziekte was nogal
vreemd, omdat de artsen niets dat op bronchitis wees konden vinden. Het bleek
psychisch. Volgens vrienden voerde Varese een strijd met de naderende dood. Hij
haatte de dood, omdat deze hem zou verhinderen al het werk dat hij nog in zijn
hoofd had uit te kunnen voeren. Ook in de opvolgende jaren (1962/3) wordt Varese
vaak gestoord door zijn vreemde ziekte. Zijn strijd spitst zich toe op twee
stukken die hij zeker nog af wil hebben: een nieuwe versie van Nocturnal en
Nuit, een heel nieuw stuk. Nuit heeft als basis hetzelfde gedicht als Nocturnal,
maar is voor een kleinere bezetting. Zoveel zijn gezondheid toe laat werkt hij
eraan.
Ondanks
zijn ziekte is 1962 voor Varese een memorabel jaar: hij wordt geëerd met
prijzen, medailles en titels en zijn werk wordt regelmatig gespeeld. Amerika
lijkt overwonnen, maar bij concerten in Europa spelen zich nog steeds
'ouderwetse' taferelen af. Gepassioneerd werkt Varese verder, soms lijdend onder
totale depressies, omdat hij denkt het niet meer te zullen halen. Hij haalt het
inderdaad niet: op 6 november 1965 sterft Edgard Varese in het University
Hospital, New York. Hij is bijna 80 jaar geworden. Met zijn dood is een bijzonder muzikaal tijdperk afgelopen. Wat blijft zijn zijn muziekwerken en zijn inspirerende verhalen, of, zoals Varese tijdens een radio-interview voor de Franse radio ooit zei: "Het laatste woord is 'verbeeldingskracht'. Daarmee weigert de hedendaagse componist inderdaad te sterven. |
|
|
© Paul Lemmens, 1e versie, december 1989/januari 1990, 3e herziene versie, februari 2002, nieuwe vormgeving 2008 |