|
Waar blijft toch de
cd-versie van 200 Motels? Zelfs de vraag alleen al lijkt er een van conceptuele
continuiteit, immers niemand weet wie de rechten heeft en dat is al vaker zo
geweest bij Zappa's werk. Iets dat gelukkig doorgaans in het voordeel van de
laatste beslecht is, maar die is er niet meer om iets te regelen. Toch bestaan
lp én video in zijn beiden in diverse uitvoeringen verkrijgbaar, anders zou ik
aan het bestaan ervan nog gaan twijfelen. Daarom dit artikel, een kleine
bijdrage aan iedereen en Rykodisc in het bijzonder om het belang van deze
release te benadrukken. Dit artikel zou je ook kunnen beschouwen als deel twee
over sleutelwerken in Zappa's werk, want na Uncle Meat is 200 Motels Zappa's 2e
én meest onderschatte sleutelwerk.
Ik wil me in dit artikel
beperken tot de lp/muziek, omdat het daar nú om gaat en de video over het
algemeen gewoon te koop is.
Kort na het wegens
geldgebrek 'mislukken' van de Uncle Meat-film, kreeg Zappa het plan voor 200
Motels, in eerste instantie een muziekstuk over een 'band on the road', waarbij
dus steeds in een andere motel gelogeerd moet worden met alle trivialiteiten
daar omheen.
In beginsel was 200 Motels
een ca. 2,5 uur durend klassiek werk, onderverdeeld in '4 Movements'. De
inhoudelijke, instrumentale muziek was enerzijds gebaseerd op allerlei
'goedkope' en typische filmthema's, iets wat we ook al herkennen van Uncle Meat
en anderzijds uit een bundeling oud en nieuw klassiek werk van Zappa. Zo is de
Semi Fraudulent/Direct-from-Hollywood-Overture geheel in Zappa's conceptuele
stijl al een regelrechte verwijzing naar eerdere Zappa-filmmuziek: The World's
Greatest Sinner (1961). Daar zijn talrijke thema-tjes te vinden die in 200
Motels weer opduiken. Uit die film komt ook een fragment dat het thema vormt
voor 'Holiday in Berlin Full Blown' (op de cd Burnt Weenie Sandwich), hetzelfde
thema dat nu dus als openingsthema voor 200 Motels gebruikt wordt. Datzelfde
thema was ook al in 1968 in Engeland te horen tijdens Zappa's concert in the
Royal Festival Hall (te vinden op Ahead of Their Time), gezongen door Roy
Estrada). Allerlei kleine thema's uit dat en andere concerten komen nu terug in
dit grote werk en worden aangevuld met nieuwe stukken die Zappa tijdens de
diverse toernees in motelkamers geschreven heeft.
Door een toevallige
ontmoeting met klassiek dirigent Zubin Mehta (beiden waren tegelijkertijd
aanwezig voor een radio-interview), wist Zappa Mehta te interesseren voor zijn
projekt en tevens te strikken voor de eerste opvoering van 200 Motels. Op 15 mei
1970 (moederdag) was de premiere: Zubin Mehta dirigeerde the Los Angeles
Philharmonic en Zappa de jongste versie van The Mothers, bestaande uit Jeff
Simmons, Aynsley Dunbar, Ian Underwood, Don Preston, Jim Sherwood, Ray Collins
en Billy Mundi. Deze laatste was er op het laatste moment bijgehaald om Art
Tripp te vervangen, die kort voor dit belangrijke evenement was overgestapt naar
de band van Captain Beefheart...
Het concert was met name
voor de eigenaren van het basketbalstadion (Pauley Pavilion) een succes; het was
uitverkocht. Verder waren de reacties gemengd. 200 Motels begon met Zappa's
inmiddels legendarische woorden: "Hit it, Zubin", niet tot ieder
orkestlid's tevredenheid. Zappa was ook niet helemaal tevreden, omdat Zubin het
2e deel zonder nadere aankondiging had weggelaten, omdat een sopraanzangeres
moest zingen: "Munchkins get me hot."...
Een heel andere reactie
kwam uit de zaal, daar zaten Howard Kaylan en Mark Volman die het zo geweldig
vonden dat ze Zappa vroegen of ze bij hem in de band konden komen. Om
contractuele redenen van beide heren kon dat op dat moment niet, dat is ook
waarom ze op Chunga's Revenge onder de schuilnamen The Phlorescent Leech &
Eddie opereren. De rest is bekende Zappa-historie.
Met de beschikbaarheid over
de zeer ruime vocale capaciteiten van beide nieuwe zangers maakt Zappa een
bewerking van 200 Motels tot een stuk van ca. 40 minuten. Eind 1970 zijn er o.a.
in the Fillmore's East en West optredens van the Mothers (met daarin FZ, Mark
Volman, Howard Kaylan, Jeff Simmons, George Duke, Aynsley Dunbar en Ian
Underwood), waarbij ze de nieuwe versie uitvoeren. Tijdens een van die concerten
treedt als gast Joni Mitchell op, wat leidt tot dubbele verbazing van het
publiek: niet alleen het feit dat de brave Joni met the 'slechte' Mothers
speelt, maar ook dat ze een gedicht voordraagt dat begint met "Penelope
wants to fuck the sea...".
Begin 1971 deelt Zappa mee
dat hij een film gaat maken met als titel 200 Motels, waarin o.a. Donovan als
het 'goede geweten' en Ginger Baker (ex-Cream drummer) als het 'slechte geweten'
zullen spelen. Nadat het contract met United Artists rond is verhuist de hele
band tijdelijk naar Londen, waar in the Pinewood Film Studios de film opgenomen
wordt. Overigens volgens een revolutionair procédé: eerst op 8mm video, die
daarna 'opgeblazen' wordt tot de 35mm standaard van de speelfilm. Het geluid
wordt gelijktijdig opgenomen met the Rolling Stones Mobile. Het blijkt dat niet
Donovan (er wordt in de tekst nog wel naar verwezen: "It is just as if
Donovan ...") of Ginger Baker in de film spelen, maar 'sterren' als
ex-Beatle Ringo Starr, Who-drummer Keith Moon, zanger/filmster Theodore Bikel,
groepies Lucy Offeral, Pamela Miller en Janet Ferguson, Jim Sherwood, Jim Black
en Dick Barber. Daarnaast hebben the Mothers een rol als voornamelijk zichzelf.
Voor de muziek zijn ingehuurd the Royal Philharmonic Orchestra o.l.v. Elgar
Howarth, the Top Score Singers o.l.v David van Asch, the Classical Guitar
Ensemble o.l.v de bekende klassieke gitarist John Williams én Ruth Underwood
voor de 'orchestral drum-set'.
De bezetting van The
Mothers heeft opnieuw een wijziging ondergaan. Kort voor de filmopnamen stapte
Jeff Simmons uit de groep én dus de film, omdat hij niet langer 'comedy-music'
wilde maken, maar 'echte' muziek. Een andere versie van het verhaal is dat hij
een rol kreeg die zijn karakter zo openlijk liet zien, dat hij die 'rol' niet
meer durfde/wilde spelen. Hij werd na allerlei problemen door Ringo Starr's
chauffeur Martin Lickert, de eerste de beste die toen binnenliep en nog een
beetje bas kon spelen ook, vervangen. Later werd Lickert weer vervangen door Jim
Pons, oud bassist van the Turtles en 'vriendje' van Mark en Howie. Dit weer tot
ontevredenheid van Ian Underwood die helemaal nerveus werd van zijn onduidelijk
en zenuwachtig basspel! Dat het opstappen van Simmons iedereen dwars zat blijkt
niet alleen uit de film; het hot item werd meteen in de film gebruikt, maar ook
op de binnenhoes van de lp, waar hij 'bedankt' wordt door alle bandleden.
Het vertrek van Simmons
bleek niet het enige probleem. Zappa verliet Engeland met een rechtszaak in het
verschiet, door hem aangespannen tegen the Royal Albert Hall, omdat hij op het
allerlaatste moment hoorde dat een 200 Motels-promotie-concert niet door kon
gaan, omdat de songteksten te obsceen waren. Het verhaal gaat dat de eigenares,
een oude, conservatieve vrouw, vond
dat er een aantal woorden als 'brassiere' niet kon. "So you know where
she's at!", aldus een zeer verontwaardigde Zappa. Het verloop van
vermoedelijk Engeland's meest komische rechtszaak is uitgebreid beschreven in
the Real Frank Zappa Book (zie daar).
Terug in The States werkt
Zappa van april t/m mei 1971 in Whitney Studios, Glendale, aan de overdubs voor
de lp 200 Motels:
"United
Artists gets the soundtrack album and they said that no matter how much music
there is in the film, they'll put it out, even if it's four records." (FZ-1971)
In oktober 1971 komen zowel
film als een dubbel-lp uit. En - het moet gezegd - bij de allereerste lp-versie
(uitgegeven door United Artists Records-in Nederland via Bovema/EMI) kon het
inderdaad niet op: een dubbel-lp met grote kleurenposter en een 16 pagina's
tellend boekwerk in kleur op lp-formaat. Later heb ik de lp's nog wel eens
gezien in een enkele hoes, niet eens een klaphoes!
De authentieke binnenhoes
heeft een stukje bijzondere 'information':
"This
music is not in the same order as in the movie. Some of this music is in the
movie. Some of this music is not in the movie. Some of the music that's in the
movie is not on the album. Some of the music that was written for the movie is
not in the movie or the album. All of this music was written for the movie, over
a period of 4 years. Most of it (60%) was written in motels while touring. The
rest of it was either done at home or in our rented flat in London, just prior
to shooting. The Overture is a cosmeticized version of one of the theme from 'A
Holiday in Berlin, Full Blown' and 'Would You Like A Snack?' is a vocal version
of the same theme. Some of the situations described in the song texts are real.
Some of them are not so real. You decide."
Dus toch niet alle muziek.
Enerzijds is dat een bewuste keuze van Zappa, anderzijds zijn er in een later
stadium stukken uit de film geknipt, waarvoor de muziek al helemaal gemasterd
was.
De film wordt ondanks alle
gebeurtenissen eromheen redelijk goed ontvangen. Niet iedereen is enthousiast,
niet iedereen begrijpt Zappa's surrealistische on the road-verhaal, of de
overwegend moderne klassieke muziek in de film en uiteindelijk lijkt het zelfs
een film die alleen voor the Mothers gemaakt is. Zappa heeft meermalen gezegd
dat je de film niet kunt beoordelen na één keer kijken en/of luisteren. Hoe
vaker je kijkt en hoe meer je van FZ weet, hoe boeiender de film wordt.
Daarnaast bemerk ik de laatste jaren dat de film in de filmwereld meer en beter
gewaardeerd wordt dan in 1971. Er zijn zelfs critici die vinden dat "200
Motels wel eens de 'pop-film' zou kunnen zijn die het meest juiste beeld van een
bepaalde periode weergeeft". Ook hier zal de tijd/geschiedenis het leren.
Op de dubbel-lp wordt al
net zo verschillend gereageerd. De fans die de voorbereidingen gevolgd hebben
vinden het prachtig, maar er zijn er ook die het gebrek aan 'rock' niet
begrijpen of niet willen accepteren. Veel mensen haken af omdat van de 34
uitgegeven muziektitels er 6 niet helemaal klassiek zijn. Op zich is dat
bijzonder, de film 'gaat' immers over een rockband op tournee en toch is er
nauwelijks pure rock te horen en is er zelfs slechts zeer fragmentarisch iets
als een concert van een band opgenomen in de film. Het enige echte rocknummer is
Magic Fingers mét de enige gitaarsolo uit de hele film (en wat voor een!) en
andere rockachtige nummers zijn Daddy, Daddy, Daddy en ook het tweede deel van
Strictly Genteel swingt behoorlijk. Niet in beide categorieën past Lonesome
Cowboy Burt, een soort Country & Western parodie die later regelmatig nog
zal opduiken. Verbaas je nog meer over het feit dat de film die gaat over een
rockband op tournee bijna geheel wordt begeleid door Zappa's versie van 20e
eeuwse klassieke muziek, met tal van verwijzingen naar Varese, Strawinsky,
Webern, Schönberg, Ligeti, Antheil en natuurlijk de eerder genoemde goedkope
filmthema's.
Het is ook geen
gemakkelijke plaat geworden. Veel critici vonden dat de muziek zonder
filmbeelden
te lang duurde of misten muziek uit de film. Als je echter én de lp
én de film/video kent blijkt dat de lp zeer coherent aandoet. Ik heb het lang
alleen met de lp moeten doen: toen ik de lp kocht in '71 was ik te jong voor de
bioscoop; 200 Motels was voor boven de 18 jaar en toen ik de magische leeftijd
bereikt had draaide de film natuurlijk niet meer en video bestond nog niet.
Nadat ik (veel) later de film enkele malen gezien/gehoord had, kon ik de twee
produkten los van elkaar zien. Het leek erop dat de componist Zappa blijkbaar
gekozen had voor een muziekstuk dat, ondanks het genereuze aanbod van United
Artists, ook zonder beelden te beluisteren was. Ik schrijf bewust componist,
omdat je uit voorgaande kunt concluderen dat Zappa, ondanks alle drukte rondom
de film, blijkbaar toch de prioriteit legt bij de muziek en ten 2e omdat de
filmscore dus bijna volledig bestaat uit (semi-) klassieke muziek. Daarbij moet
je in het achterhoofd houden dat Zappa ooit op toernee is gegaan met een
rockband om klassieke muziek te kunnen maken. Dat hij de kans krijgt om iets als
200 Motels te maken moet voor hem dus veel betekend hebben; bovendien is het
precies zijn realiteit: rockband 'voedt' klassiek!
Als je de moeite neemt vaak
naar de muziek te luisteren is het een van Zappa's mooiste klassieke werken
totdat natuurlijk the Yellow Shark verschijnt. 200 Motels bevat tal van lagen
waarin steeds opnieuw muzikale ontdekkingen kunnen plaatsvinden. Hoe meer ik
thuisraak in de moderne klassieke muziek, hoe meer ik ook 200 Motels ga
waarderen en zou ik bijna wensen dat hij die rock-achtige stukken had
weggelaten... (maar niet heus).

inner lp-sleeve
Dat Zappa de muziek van 200
Motels heel serieus neemt blijkt ook uit de diverse bewerkingen die hij ervan
maakt ná de film. Zo is de meeste muziek, zonder zang en diverse interrupties
zelfs tweemaal uitgebracht als Bogus Pomp, zowel in wat mindere kwaliteit op
Orchestral Favorites en al een stuk beter o.l.v. Kent Nagano op LSO I-II;
hetzelfde geldt voor Strictly Genteel. Dat laatste stuk is ook heel toepasselijk
afsluiter van concerten (de finale) en van cd's; o.a. YCDTOSA 6 (de laatste uit
de serie) en Make A Jazz Noise Here (de laatste live-band). Slechts incidenteel
zijn er stukken uit 200 Motels live door Zappa's rockbands gespeeld; de eerder
genoemde Strictly Genteel is er een van; Magic Fingers is nog eens te horen op
YCDTOSA-6, maar daar blijft het bij. De eenzame cowboy komt in allerlei
gedaanten nog wel eens langs galopperen, maar de meeste teksten lijken gekoppeld
aan de voorstellingen van Howard Kaylan en Mark Volman. 200 Motels is dan ook
hun topprodukt.
Was Uncle Meat Zappa's
eerste sleutelwerk, omdat het in feite de blauwdruk is voor Zappa's verdere
werkwijze, 200 Motels is Zappa's 2e sleutelwerk, omdat het in feite een neerslag
bevat en in zekere zin een samenvatting is van zijn klassieke periode die loopt
van 1961 tot 1971 én zijn vertrekpunt is voor het verder ontwikkelen van zijn
klassieke taal. De volgende markante, klassieke punten worden weliswaar pas veel
later bereikt: 1983/1987 - LSO I-II en the Perfect Stranger in 1984, die op hun
beurt pas weer gevolgd worden door the Yellow Shark in 1993. Echter in die
periode heeft hij tijd gehad om zijn klassieke taal te laten groeien. In deze
zin is de release van 200 Motels onmisbaar, omdat daarin dus de basis gelegd
wordt voor Zappa's klassieke loopbaan, die zoals het zich nu laat aanzien pas
anno 1996 langzaam gewaardeerd begint te worden. In deze zin is haast geboden
met het uitbrengen ervan.
200 Motels is ook op een
ander niveau belangrijk, het is de eerste release waarin alle bandleden;
"anybody who was ever in the Mothers' bedankt worden. Dat gebeurt pas weer
bij de YCDTOSA-serie en ook, niet met name genoemd maar door de opzet heel
duidelijk, bij the Lost Episodes. Net als Uncle Meat 'druipt' 200 Motels ook van
de auto-biografische opmerkingen en citaten, het is dus niet verwonderlijk dat
de band-leden, die daarvoor het meeste materiaal aangedragen hebben, bedankt
worden.
Het zijn redenen genoeg om
200 Motels op te voeren als 2e sleutelwerk.
Traditioneel Zappa met het
laatste woord:
"Within
the scope of the budget that we were given, I'd say I got maybe 40-50% of what I
wanted to get out of it. You just have to kiss the rest of it good-bye because
there's not enough time or money to do it perfect." (Zappa-1972)
Daar kunnen we desondanks
genoegen mee nemen denk ik, áls Ryko (of wie dan ook) het maar uitbrengt: het
liefst én compleet, met boekje en al én zo snel mogelijk!
Hup Ryko hup, laat de fans
niet in hun hemdje staan...
|